Mugison deed ooit het voorprogramma voor de rockers van Queens of the Stone Age en voor elektronicagoochelaar Matthew Herbert, wat niet meteen een duidelijke lijn trekt in wat een luisteraar bij hem kan verwachten. Het muzikale avontuur van deze IJslander is er echter niet minder boeiend om. De elektronica van zijn vroege werk heeft ondertussen plaats moeten maken voor gitaren en drums, wat niet belet dat 'Mugiboogie' een plaat met vele gezichten geworden is. De verschillen tussen en binnen de songs klinken echter niet ironisch of gewild eclectisch (daarvoor zijn de teksten te ernstig) en staan de eenheid van de plaat niet in de weg. De songs mogen dan allerlei kanten opgestuurd worden, intrinsiek hebben ze meer dan voldoende muzikaliteit te bieden om ook zonder de fraaie arrangementen overeind te blijven.

Stompende gitaarmuziek vormt het refrein van het album. Dit kan stevig en testosteronrijk zijn zoals in de titelsong (inclusief orgel en gitaarsolo in een vettige groovetraditie) of psychedelisch bluesy. Soms mag een nummer min of meer homogeen klinken. In 'To The Bone' echter worden de animale rockelementen vermengd met spokende melodieën en krijgt de ruwe, Tom Waits-achtige stem gezelschap krijgt van een hoge tegenhanger die in de hoogste regionen quasi elektronische proporties aanneemt.

Op twee nummers steekt Mugison nog een tandje bij en stuurt hij zijn muziek de wateren van de metal in. Ook hier nemen zijn songs weer verschillende gedaanten aan waarbij electrorock, industrieel vervormde vocalen en orkestrale refreinen samenkomen. Vooral in 'Two Thumb Sucking Son of a Boyo' krijgen laag brommende baslijnen, grunts en rollende drums de vrije hand, al moeten ze wel eventjes klungelig snaargepingel boven zich dulden.

Zoals de plaat een decibelletje hoger schakelt, zo zoekt die ook de andere kant van het spectrum op. Hier vallen pareltjes van songs te rapen die soms op verschillende manieren en heel expliciet schatplichtig zijn aan de Beatles ('George Harrison'), Eels-achtige huppelpop of de mompelende rootspop van Califone. Deze laatste kaart wordt voluit getrokken in het beklijvende 'Deep Breathing', waarbij de ijle achtergrond geleidelijk aan plaats maakt voor duidelijke strijkers met een voorkeur voor bizarre harmonieën. Voor 'The Pathetic Anthem' (aangekondigd als een demoversie) snijdt Mugison alle extra's weg: eenvoudig gitaargetokkel en een stampbeat vormen de enige decorstukken voor een song die in zuiverheid en natuurlijkheid niet moet onderdoen voor die van de grote singer-songwriters.

Met 'Sweetest Melody' voorziet Mugison zijn 'Mugiboogie' van een denderende finale: vanuit de blues van schuivende gitaren en gospelinvloeden bouwt de track op naar stomende bluesrock met uitzinnige, massale zangpartijen. Dit is opwinding zoals de Rolling Stones die decennia geleden konden leveren. Mugison kan en doet het nu – weliswaar op zijn eigen manier – en laat zich zo horen als een muzikant die de traditie naar het heden kan vertalen. Een juweel van een plaat.

Meer over Mugison


Verder bij Kwadratuur
  • Helaas geen extra info meer.

Interessante links
Agenda
Concertagenda
  • Geen concerten gevonden.