De vierde editie van Ictus Zone komt voor rekening van het ensemble Mangalam! Deze keer geen elektrische gitaren, desoriënterende videobeelden of versterkte cactussen, maar louter akoestische muziek op klassieke instrumenten: herkenbaar, maar vooral betoverend mooi.

In vergelijking met Ictus Zone-voorgangers ZWERM, Nadar en Besides is Mangalam! een iets minder gangbare naam in de wereld van de hedendaagse muziek. Het ensemble ontstond in 2009 in het kader van de door muzikanten van Ictus en Spectra ingerichte manama hedendaagse muziek aan het conservatorium van Gent. Fluitiste Anne Davids en pianiste Charlotte Otte rondden de opleiding af in 2011 en de uit Japan afkomstige klarinettist Tomonori Takeda is er enkele maanden geleden aan begonnen.

Bij sommige gelegenheden wordt het trio door de komst van percussionist Thomas Plessers uitgebreid tot een kwartet en het is in deze bezetting dat Mangalam! te horen zal zijn in BOZAR. Op het programma staat alles bij elkaar een twintigtal minuten muziek die becommentarieerd zullen worden door Jean-Luc Plouvier, pianist en artistiek coördinator van Ictus.

Mangalam! (trio)
Mangalam! (trio)
Met de korte duur van het concert investeert Mangalam! echter maximaal in kwaliteit met twee werken die elkaar qua intrinsieke schoonheid waard zijn. Het langste is het ongeveer twaalf minuten durende ‘Step’ van de in 1955 geboren componist Philippe Hurel. Hurel schreef het werk in 2006 en 2007 in opdracht van het New York New Music Ensemble. Het is daarnaast een hommage aan de in 2007 overleden Amerikaanse jazzsaxofonist Michael Brecker (Paul Simon, Brecker Brothers, Steps Ahead). Wat er al dan niet jazz aan is, licht Hurel via e-mail als volgt toe: “Een echte invloed van Brecker is niet in de muziek te horen. Hij was pas gestorven en ik wilde gewoon een hommage aan hem schrijven, dat is alles, maar misschien is de basklarinetsolo in het midden van ‘Step’ wel een hommage aan de chorus in het algemeen.”

Geen Brecker muziek dus, maar toch is de jazz belangrijk geweest voor het ontstaan van de muzikale taal van Hurel. “Toen ik jong was, heb ik jazz, rock en rockjazz gespeeld. Ik heb er een inwendige puls aan overgehouden, een soort groove die opduikt in de instrumentale frases van mijn werken. In ‘Steps’ bijvoorbeeld zijn er meerdere homoritmische secties die exact gespeeld moeten worden, zoals een bigband dat zou doen, ik heb ze immers ook zo gedacht en bedoeld. In zo’n geval klinkt zelfs de kleinste afwijking als een echte fout en dat maakt mijn muziek vaak moeilijk om te spelen voor muzikanten met een klassieke vorming. Ze hebben het doorgaans ook moeilijk met grooven en dat is nog vervelender. Om die muziek echt te laten overkomen, moet je die cultuur eigenlijk al echt in je opgenomen hebben.”

Op Hurels eigen website omschrijft de Italiaanse musicoloog Sylviane Falcinelli de Franse componist als iemand met een zwak voor systemen en objectiviteit. Hurel: “Ik denk dat subjectiviteit vroeg of laat sowieso opduikt in de receptie, het horen en de beoordeling van muziek. Tijdens het componeren ben je ook nooit echt objectief, dus is het aangewezen om net zo lang mogelijk objectief te blijven tijdens het componeren. Tenzij je natuurlijk iets wil realiseren dat zonder ruggengraat, lijn of vorm is.”

Philippe Hurel (foto: N. Botti)
Philippe Hurel (foto: N. Botti)
Zijn drang naar objectiviteit belet echter niet dat ‘Step’ opvallend poëtisch en zelfs sensueel klinkt. “Dat is logisch, aangezien het muziek blijft en het proces dat gebruikt wordt bij het componeren verbonden is met perceptie en dus het natuurlijke en het sensuele.”

De combinatie van basklarinet, fluit, piano en percussie draagt ongetwijfeld bij tot het poëtische van de muziek die bij momenten in impressionistisch vaarwater belandt. Minstens even belangrijk zijn echter de muzikale ideeën van Hurel. De homoritmische passages waarvan de componist zelf sprak, het spelen met het hoge register in het begin, het overlappen van geïsoleerde noten van de verschillende instrumenten of de plots explosieve piano garanderen een muzikale variatie die de luisteraar voor de hele duur kan meenemen in de (inderdaad heel duidelijk te volgen) gedachtegang van de componist.

Hurel studeerde musicologie, compositie en volgde lessen muzikale informatica bij Tristan Murail. Hij werkte als onderzoeker en docent aan het Ircam, waar in die periode ook zijn jongere landgenoot Christophe Bertrand rondliep. Hurel herinnert zich de in 2010 op negenentwintig jarige leeftijd overleden Bertrand als een heel begaafde, intimiderende jongeman (Bertrand was nog geen twintig). Naast Hurel werkte Bertrand aan het Ircam ook samen met Tristan Murail, Brian Ferneyhough en Jonathan Harvey.

Van Bertrand speelt Mangalam! het zes minuten durende ‘Virya’ (Sanskriet voor energie en kracht), een werk dat stijf staat van de muzikale details en nuances. Kwarttonen, bisbigliandi (tremolo’s van “dezelfde” noot, verkregen door het afwisselen van verschillende vingerzettingen) en glissandi puren het geluid microtonaal uit met de typische fricties en zwevingen tot gevolg.

De fluitist dubbelt op piccolo, de klarinettist op basklarinet en de percussionist wisselt tussen vibrafoon, klokkenspel en temple blocks, waardoor het klankenpallet aanzienlijk opengetrokken wordt. Terugkerende passages zorgen daarbij voor een duidelijke structuur waarbij verschillende manieren en (al dan niet in elkaar vervloeiende) gradaties van beweging de muziek constant levend houden. Een integrale opname van het werk (met synchroon lopende partituur) is te vinden op YouTube.

Meer over Ictus Zone - Mangalam!


Verder bij Kwadratuur

Interessante links
Agenda
Concertagenda
  • Geen concerten gevonden.