‘Den Herfst blaast op den horen’, de titel van de cd is ontleend aan een gedicht van Felix Timmermans dat de negentiende-eeuwse fascinatie met de hoorn verraadt - de hoorn als evocatie van de natuur, van de jacht en metaforisch van alles wat vergankelijk is. Het zijn associaties die vrijelijk worden gemaakt in deze verzameling van korte gelegenheidscomposities die Belgische componisten vaak in opdracht van hoornvirtuozen uit hun tijd schreven.

Hoornist Jeroen Billiet wisselt af tussen historische instrumenten en moderne hoorn in deze stukken voor hoorn en piano of hoornensemble. Een plaat als deze overleeft grotendeels op de kwaliteit van haar uitvoering en de sierlijke en overtuigende manier waarop Jeroen Billiet deze muziek inspeelde is dus een groot pluspunt. Hij maakt sommige werken niet pretentieuzer dan ze horen te zijn, namelijk als ongecompliceerde maar met gevoel en muzikaliteit uitgevoerde salonmuziek.

Beweren dat de acht werken die op deze plaat staan topwerken zijn, zou de waarheid dan ook oneer aandoen. Elk van deze componisten kende zijn vak en componeerde mooie maar lang niet altijd zo originele muziek. Het principe van een stuk te laten beginnen met een paar goed gekozen piano-akkoorden gevolgd door een verzorgde maar niet echt memorabele hoornmelodie, zoals de Gentenaar Hendrik Waelput dat doet in zijn ‘Romance’ voor hoorn en piano, komt vaak clichématig over. Waar het ‘Intermezzo’ van de Luikenaar Auguste Dupont origineler opent, met krachtig geblazen signaalnoten, is de ‘Barcarolle’ die erop volgt een bladzijde met smaak uitgevoerde maar zeker niet eerste-rangs hoornmuziek.

Enkele stukken, zoals het ‘Duo pour cor et Piano’ of een middendeel uit een concerto voor hoorn en piano van Martin-Joseph Mengal krijgen weer waarde omdat ze op natuurhoorn uitgevoerd werden. Op een egaal modern instrument zouden zulke stukken als suikerzoete bagatellen klinken die hun beste tijd in een negentiende-eeuws Parijs salon ver achter zich hebben liggen. De typerend slanke klank van de natuurhoorn met zijn nasale gestopte noten doet ze echter weer interessant genoeg klinken om een beluistering aangenaam te houden.

Gelukkig overleven andere werken overleven een kritische beluistering een pak beter. Leuk bijvoorbeeld is de tweedelige sonate van Joseph Ryelandt, zowat de bekendste componist waarvan er muziek op de cd staat en meteen het meest grootschalige werk dat Jeroen Billiet uitkoos. Het zangerige ‘Zomeravond’ voor vier hoorns, eveneens van Ryelandt mag ook best gehoord worden en sluit de cd in stijl af terwijl een kort en levendig ‘Allegretto’ van Serge Gaucet beslist dienst mag doen als een opgewekte uitsmijter aan het eind van een recital.

Pianist Jan Huylebroeck zet een charmante maar vaker gewoon functionele begeleiding neer bij deze werken. De piano is duidelijk het ondergeschikte instrument al bevat bijvoorbeeld het ‘Duo’ van Mengal een virtuoze pianopartij in de geest van zulke romantische pianist-componisten als Johann Nepomuk Hummel of Ferdinand Ries.

Oude instrumenten verlenen ook weer waarde aan de muzikaal eigenlijk niet zo rijke ‘Chasse’ van de Bruggeling Jules Busschop. Het is een jachtevocatie voor vier natuurhoorns, kleppentrompet en ophecleïde en Jeroen Billiet bracht niet alleen vier capabele natuurhoornisten samen maar ook muzikanten (Steven Bossuyt en Jan Huylebroeck, die op de rest van de cd als pianist dubbelt) die nu vergeten instrumenten als kleppentrompet of Ophecleïde (een soort van metalen fagot) kunnen bespelen. Voor wie de zachtere klank van oude koperblazers wil ontdekken, is dit werkje een leuke introductie. En voor wie vergeten, elegante (gelegenheids)muziek voor de negentiende-eeuwse hoorn wil ontdekken, is dit cd’tje meteen ook een warme aanrader!

Meer over V/C


Verder bij Kwadratuur

Interessante links
Agenda
Concertagenda
  • Geen concerten gevonden.