Ze had kunnen kiezen voor een (kamer)orkest, een strijkkwartet, eventueel een vijfkoppige blazerssectie, maar Liesa Van der Aa wilde een koor op haar tweede plaat. Nu ja, wat is een tweede plaat wanneer die vol staat met nummers van de eerste. Die nam ze oorspronkelijk zo goed als solo op en bracht ze ook alleen op het podium. Later kreeg ze het gezelschap van een rocktrio en in de studio’s van La Chapelle werd de getalsterkte verder opgedreven door het toevoegen van een twintigtal zangers.

Het was waarschijnlijk gemakkelijker geweest om het koor mooie, vocale tapijtjes te laten leggen, of de zangers als uit de kluiten gewassen backings aan te wenden, maar dat was niet wat Van der Aa en arrangeur en koordirigent Peter Spaepen in gedachten hadden. Het koor is meer niet dan wel te horen, maar op de momenten dat het doorkomt, heeft het een essentiële rol te vervullen en die rol verschilt aardig van nummer tot nummer.

Het openende ‘Birds in Berlin’ zet de luisteraar meteen op het verkeerde been. De hoge engelenzang die later dissonant verwrongen wordt, is een van de weinige momenten waarop het koor wringt en schuurt. In ‘Low Man’s Land’ mag de harmonie nog even bezopen beginnen waggelen, maar daar is het toch vooral de eenstemmige massazang die het geluid bepaalt: echt ver is het uiteindelijk allemaal niet gezocht.

Bijzonder fraai is de inzet van het koor in ‘Lost Souvenir’. Als een plaat die blijft hangen zorgen de zangers voor een golvende, repetitieve klankmassa die later polyfoon openbloeit, met de lichtvoetigheid van een Bachinventie zoals die uit de kelen van de Swingle Singers kwam.

Door de zuivere, onbewerkte zangstemmen verliest Van der Aa’s muziek het industriële randje dat de originele cd domineert. Dit verlies wordt echter gecompenseerd en niet alleen door de vocalisten. Het gitaar-bas-drums driemandschap dat naast de violiste en de zangers te horen is, voorziet de plaat van een aangename scheut rock: ongegeneerd vettig en psychedelisch in ‘Lou’ en rootsrockend in ‘Our Place’, versies die waarschijnlijk op goedkeurende knikjes onthaald zullen worden bij respectievelijk Diamanda Galas en Johnny Dowd.

Door het optrekken van de ingezette middelen en het live opnemen van verschillende stukken, verliezen de songs wel wat van hun compactheid in vergelijking met het album ‘Troops’. Liesa Van der Aa benut de extra mogelijkheden echter ook om voor soms ingrijpende arrangementen te kiezen, waarbij melodie en riffs van de originele nummers soms in een wat ander daglicht komen te staan of de originele sfeer net versterken. Zo vergroot de militaire drumpartij onder de wiegende melodie van ‘Louisa’s Bolero’ het rituele karakter van het origineel verder uit, zeker waneer later het geluid groots opentrekt met vervormde vocalen, de gelaagde viool en industrieel aandoende percussie.

Voor de slottrack keert Van der Aa terug naar de essentie: helemaal alleen met loopstation en haar eigen (vervormde) stem bouwt ze een desoriënterende geluidsmuur die oplost in een vat tot salpeterzuur verworden ademgeluiden. Opnieuw niet binnen de lijntjes, maar daarom niet minder mooi om te horen: dat ze nog lang vreemde ideeën mag hebben. En realiseren.

‘Live @ La Chapelle Studios’ is enkel verkrijgbaar op vinyl en de plaat vergezeld van een dvd-registratie van de opnames.

Meer over Liesa Van der Aa


Verder bij Kwadratuur

Interessante links
Agenda
Concertagenda
  • Geen concerten gevonden.