De pianotrio's van Robert Schumann zijn minder bekende werken. Volledig ten onrechte, zo bewijst de adembenemende uitvoering door pianist Leif Ove Andsnes en broer en zus Tetzlaff op viool en cello. De drie virtuozen vallen op door hun grote intelligentie in wat een nieuwe referentieopname wordt in het kamermuziekoeuvre van de componist. Het pianotrio staat gekend als een enorm moeilijke formatie om voor te schrijven. De behandeling van de drie ongelijke instrumenten is allesbehalve evident. Bovendien heeft dit genre binnen de kamermuziek nooit de prominente plaats verworven die bijvoorbeeld het strijkkwartet inneemt. Het is dan ook zo dat de pianotrio's van Haydn, Mozart, Beethoven en veel romantische componisten voor veel muziekliefhebbers nog steeds goed bewaarde geheimen zijn. Specifiek voor Schumann hebben zijn pianotrio's lange tijd geleden onder stereotypen rond hem als componist. Al te vaak wordt hij afgeschilderd als een miniaturist die geen grootschalige werken kon schrijven of als slachtoffer van een mentale ziekte met vluchtige creatieve krachten. Wie naar deze opname luistert, kan niet anders dan van het tegendeel doordrongen worden.

De Noorse pianist Leif Ove Andsnes maakte reeds een prachtige opname van Schumanns pianoconcerto (met de Berliner Philharmoniker onder leiding van Mariss Jansons) en ook van diens pianokwintet (met het Artemis kwartet). Hij speelt al lang samen met zijn Duitse generatiegenoot en muzikale vriend Christian Tetzlaff. De prachtige Bartok-cd die ze enkele jaren geleden maakten is daar een weergaloos resultaat van. Tetzlaff is een topmuzikant zonder sterallures die veel aandacht blijft schenken aan de intimiteit van kamermuziek. Zijn enorme artistieke integriteit staat in contrast met de soms eendimensionaal, commercieel denkende muziekwereld. Naast zijn jarenlange samenwerking met Andsnes speelt Christian Tetzlaff ook in kwartetformatie met zijn zus Tanja. Het Tetzlaff Quartett nam vorig jaar zijn debuutalbum op met weinig uitgevoerde werken van Schönberg en Sibelius.

In 1842 exploreerde Schumann het kamermuziekgenre, met voltooiing van zijn drie strijkkwartetten, het overbekende pianokwintet en het pianokwartet. Tegen het einde van dat jaar schreef hij ook zijn eerste werk voor pianotrio, later gepubliceerd als de 'Fantasiestücke', een voornamelijk rond de piano gecentreerde collectie van vier stukjes. Het duurde nog vijf jaar voor Schumann zich opnieuw aan het pianotrio waagde, na zich verdiept te hebben in de fuga's van Bach. Het werden drie contrasterende en complementaire meesterwerken die dezelfde symfonische breedte ademden van het pianokwintet en –kwartet. Ten slotte zijn ook Schumanns zes 'Etüden in Kanonischer Form' in de cd opgenomen. Oorspronkelijk voor pedaalpiano geschreven, werd het arrangement voor pianotrio door Theodor Kirchner gemaakt.

Andsnes betoont zich opnieuw een gevoelig en briljant pianist met oor voor de complexe wisselwerking met zijn opponenten. Ongeremd door technische uitdagingen en met grote finesse worden de contrasten van onrustig naar onbezorgd, van donker naar zonnig uitgespeeld. De complexe wereld van Schumann wordt met de grootste natuurlijkheid benaderd, waardoor een diepe melancholie uit deze muziek gepuurd kan worden. De luisteraar wordt royaal beloond met een dergelijk groots voorbeeld van volmaakte kamermuziek. Deze opname is een absoluut lichtpunt en dat zal nog lang zo blijven.

Meer over Robert Schumann


Verder bij Kwadratuur

Interessante links
Agenda
Concertagenda
  • Geen concerten gevonden.