Pas op zijn 74ste jaar kan de Ghanees Ebo Taylor zijn eerste studioplaat op een internationaal publiek loslaten. Toch geniet hij de status van levende legende in de afrobeat en highlife, een West-Afrikaans genre dat rond 1900 in Ghana ontstond en gaandeweg gekenmerkt werd door jazzy blazers en prominente gitaren. Taylor, een gitarist, timmert al sinds de jaren ’50 aan de weg, onder meer bij Stargazers en Broadway Dance Band, waarbij hij zich ontwikkelde tot gedegen componist en leidersfiguur. Begin jaren ’60 kan hij dankzij Ghanese overheidssubsidies naar Londen (samen met Fela Kuti) om zich bij te scholen, kennis die hij na zijn terugkeer meticuleus zal aanwenden in zijn verdere carrière als producer en orkestleider. Wanneer hij naar Ghana terugkeert, werkt hij als arrangeur en producer in de jaren ’70 en ’80 met Ghanese sterren als Pat Thomas en C.K. Mann (o.a. het Afro-Braziliaanse ‘Funky Highlife’) en brengt hij in zijn soloprojecten de Ghanese traditie, Fela’s afrobeat, soul, funk en vooral jazz samen. De albums die daaruit voortkomen blijken echter hoogstens lokaal een succes, het buitenland blijft doof.

Het bijna drie kwartier durende album ‘Love and Death’ werd zowel op cd als op dubbelelpee uitgebracht en bevat ook nieuwe, instrumentale versies van oudere tracks als ‘Victory’ en ‘Kwame’. Voor dit alles kreeg hij de hulp van Afrobeat Academy, een Berlijns collectief bestaande uit leden van Poets of Rhythm, Kabu Kabu (die met Jimi Tenor samenwerkten) en het Ghanese Marijata. Er mag getwijfeld worden aan het “nieuwe”: alle nummers stralen een zelden gehoorde muzikale maturiteit uit, alsof ze jarenlang hebben liggen rijpen in een wijnkelder. Goed mogelijk dat dit een verzameling is van het beste uit een halve eeuw muzikale inspiratie. Dat verandert echter niets aan de kwaliteit van het geleverde.

Taylors ervaring zorgt er tevens voor dat alles zo netjes in elkaar past, zonder dat het geheel ook maar een keer glad overkomt. Het valt bijvoorbeeld bijzonder op hoe sterk hij de blazers voorop plaatst in zijn composities zonder dat ze ooit opdringerig worden. De solo’s van saxofoon en trompet in ‘Victory’ dragen duidelijke jazzinvloeden. De tuttipassages voor de blazers refereren dan weer vaak naar soul en funk, zoals bij de intro van het titelnummer, dat later door het repetitief kabbelende gitaarrifje toch de ware herkomst van de maker verraadt. In ‘Mizin’ en ‘Nga Nga’ doet Taylor geen moeite om zijn roots te verbergen. Het in reggae gedrenkte instrumentale ‘Kwame’ gaat nog iets verder: een eerbetoon aan Kwame Nkrumah, de eerste premier/president van Ghana, pleitbezorger van het pan-Afrikanisme, dankzij wie de gitarist indertijd een beurs kreeg om naar Engeland te gaan studeren.

Voeg bovenop dat alles nog ’s mans warme, typisch zwart-Afrikaanse stem toe en het plaatje wordt heel duidelijk. Het klinkt te idioot om hier van revelatie of ontdekking te spreken, de impact van ‘Love and Death’ blijft niettemin even groot als wanneer een jonge leeuw zo’n visitekaartje aflevert. De zomer is al enige tijd bezig, Ebo Taylor zorgt voor de juiste sfeer om live festivalweides of als schijfje menige tuin op te vrolijken. Zalige muziek.

Meer over Ebo Taylor


Verder bij Kwadratuur

Interessante links
Agenda
Concertagenda
  • Geen concerten gevonden.