Met elf muzikanten en de keuze uit een rijke bezetting van vier strijkers, vijf blazers (met naast sax en koperblazers ook een hobo), doedelzak, gitaar, mandoline, bouzouki, banjo, concertina en percussie is het Britse Bellowhead niet de meest doordeweekse folkband. De groep zag het levenslicht in 2004 op aansturen van concertinaspeler John Spiers en zanger en violist Jon Boden. Reeds het daaropvolgende jaar sleepten ze de prijs voor de beste live band in de wacht tijdens de BBC Folk Awards, wat ze nog eens zouden overdoen in 2007, 2008, 2010 and 2011.
Een eerste release kwam er met een ep in 2005. De eerste full-cd ‘Burlesque’ verscheen in 2007, gevolgd door ‘Matachin’ (2008) en ‘Hedonism’ (2010). Deze laatste plaat werd opgenomen in de studio’s van Abbey Road met producer John Leckie (Radiohead, Muse) en leverde de groep de eerste plaats op in de critics’ poll voor het beste album van fRoots (2010), de prijs voor de beste band tijdens bij de Songlines Awards in 2011 en ook de BBC Online Album of the Year trofee.
Naast de reguliere opnames bracht de band ook een live dvd uit en ‘Umbrellowhead’, een album met songs van individuele bandleden. De groep speelde ook een nieuwe versie van het thema van The Simpsons in en lanceerde haar eigen Hedonism bier (4,5%).
Het ging allemaal snel voor het kwartet Arifa. Ontstaan in 2010 bracht de groep datzelfde jaar het album ‘Beyond Babylon’ uit dat prompt de prijs voor de beste in Nederland gemaakte wereldmuziek-cd kreeg.
Nationaliteit en afkomst, het zijn bij Arifa allemaal relatieve begrippen. Ud-speler en zanger Mehmet Polat bijvoorbeeld, komt uit Turkije, studeerde klassieke Turkse en Arabische muziek, maar belandde in Rotterdam om er de Indiase te bestuderen. Hij bleef hangen en was te horen bij onder andere het Metropole Orchestra en het NBE. Al even breed is het veld waarop kanunspeler Osama Abdulrasol zich begeeft. Afkomstig uit Irak studeerde hij kanun in zijn vaderland, maar klassieke gitaar in Engeland. Abdulrasol was actief in dans- en theaterproducties en tevens te horen met deFilharmonie, Goran Bregovic en Wannes Van de Velde.
Net als Polat belandde rietblazer Alex Simu in Nederland om er te studeren. Voor hem echter geen Indiase muziek, maar jazz (hij volgde ook lessen aan de New Yorkse Manhattan School of Music), meteen de sector waarin hij zijn belangrijkste strepen verdiende.
De enige die Nederland al van jongs af aan kende, was percussionist Sjahin During. Als kind van een Turkse moeder en een Nederlandse vader werd hij geboren in Amsterdam, maar groeide hij op in Istanboel. Hij was muzikaal actief op alle vijf de continenten, wat zich weerspiegelt in een uitgebreid instrumentarium dat uit verschillende culturen samen geplukt werd.
Dat Brussel een multiculturele stad is, moet waarschijnlijk niet meer wereldkundig worden gemaakt. Zo zou men er – mits men wat goede wil aan de dag legt – zonder al te veel moeilijkheden mensen uit alle windrichtingen én met de meest uiteenlopende nationaliteiten kunnen vinden. De reden van hun aanwezigheid is velerlei. Om niet al te lang rond een willekeurige pot te draaien kan de culturele aantrekkingskracht genoemd worden, om zo onmiddellijk bij de grondtoon van deze recensie aan te komen: Anu Junnonen. Wat klinkt als een Fins streekproduct is eigenlijk een zangeres die speciaal voor zanglessen haar heimat inruilde voor het Brusselse conservatorium. In 2005 startte ze vervolgens haar muzikale project aNoo. Onder deze noemer bracht ze in 2007 – gesteund door een aardige band – haar debuutalbum ‘The Luckless Lands Of The North’ uit. Hierbij verzorgde Tuur Florizoone ondermeer het accordeon, nam Dree Peremans de trombone voor zijn rekening en verschuilde Yannick Peeters zich achter de bas, terwijl Yves Peeters de drumpartijen inspeelde. Zo werd een muzikale wereld gecreëerd waarin jazz centraal stond, maar diezelfde wereld werd regelmatig opgestuwd door aanlokkelijke popklanken en aanstekelijke elektro-injecties.
Er zijn er weinig die Lieven Tavernier van naam zullen kennen. Toch is zijn muziek te omschrijven als Nederlandstalig erfgoed. De kalende Oost-Vlaming is namelijk de man achter kleinkunstklassiekers als ‘De Eerste Sneeuw’ en ‘De Fanfare Van Honger en Dorst’, nummers waar Jan De Wilde naam mee maakte. Ook andere artiesten putten uit het oeuvre van deze liedjessmid, waarvan Thé Lau, Erik van Neygen en Gerard Van Maasakkers maar enkele zijn. Dit betekent echter niet dat Lieven Tavernier met ‘Witzand’ aan zijn proefstuk toe is als vertolker, integendeel zelfs. Eerder bracht hij in de vorm van ‘Doe Het Licht’, ‘Ilja’, ‘Niet Voorbij’ en ‘Wind En Rook’ al vier albums uit.
Voor dit jongste project slaat Lieven Tavernier een nieuwe weg in. Ondermeer in navolging van Johnny Cash, Neil Diamond en Bobbejaan Schoepen werd hij op sleeptouw genomen door een jong veulen uit de producersgilde, die zijn muziek van een hedendaags elan moest voorzien. Het gaat om Koen Gisen, een man die eerder ondermeer voor The Bony King Of Nowhere productiewerk verzorgde. Dat deze verjongingskuur aardig werkte, wordt al snel duidelijk door de thematiek van het album. Nostalgisch gaat Tavernier terug naar zijn jeugdige jaren, waarin hij ondermeer liefde zocht in de Gentse binnenstad. De wollen sokken heeft hij intussen ook uitgetrokken. Voor ‘Witzand’ ruilde hij zijn akoestische gitaar in – al dan niet door toedoen van Koen Gisen – en kwam op de proppen met een elektrisch snaarinstrument. Ten slotte mag ook de samenwerking met jonger geweld als An Pierlé, Gisens eega, niet over het hoofd gezien worden. Sporadisch was zij te horen als achtergrondstem en ook tekende ze voor enkele pianobijdragen.
Wanneer het bruut van eigen bodem mag zijn, dan kan een muziekliefhebber niet om Aborted heen. Dit doodsmetalen combo rond spilfiguur Sven De Caluwé weet zich immers al jaren staande te houden op internationaal vlak, en levert met haast chirurgische precisie klasseplaten af. Waar de laatste schijf allicht iets te modern klonk om goed te zijn, heeft de band zich volledig herpakt en met 'Global Flatline' meteen een oplawaai van jewelste gegeven. Niet alleen zit het album vol knipogen naar de hele carrière van Aborted, er wordt ook gemusiceerd op een bijzonder hoog niveau. Geen wonder dus dat 'Global Flatline' een must is voor aanhangers van bruut edoch doordacht beukwerk.
Wie de muzikale levenswandel van Ansatz Der Maschine analyseert, komt noodgedwongen uit op een stevige dosis experiment. Een Kortrijkzaan met een Duitse projectnaam die een Franstalig gezongen nummer op plaat zet? Dat zegt genoeg. Maar de elektronicaspecialist heeft op een kleine tien jaar tijd ook al een berg kredieten verzameld, mede dankzij zijn vermenging met klassieke muziek. Het recent uitgebrachte, nogal mysterieuze ‘Heat’ trekt deze lijn door.
Reinhold Friedl (1964, momenteel woonachtig in Berlijn), studeerde wiskunde, musicologie en piano (ondermeer bij de bekende improvisator Alexander von Schlippenbach) en is oprichter en leider van Zeitkratzer (1999). Met dit ensemble brengt hij eigen en nieuw gecomponeerd werk, maar ook akoestische arrangementen van elektronische muziek of noise. Zo werkte hij al samen met Lee Ranaldo (Sonic Youth), Phill Niblock, Helmut Oehring, Lou Reed (Zeitkratzer speelde zijn ‘Metal Machine Music’ op cd en live), Merzbow, Carsten Nicolai en Radu Malfatti.
Friedl is tevens curator van Podewil (Berlijns centrum voor hedendaagse kunst) en directeur van de internationale conferentie voor computermuziek Off-ICMC. Als pianist is hij gespecialiseerd in inside piano. De dubbel-cd ‘Inside Piano’ is zijn eerste solorelease in deze gedaante.
Amper 24 was de Nederlandse pianist Michiel Braam toen hij in 1986 de13-koppige Bik Bent Braam formeerde. Naar eigen zeggen snel verveeld en opgezadeld met een serieuze argwaan tegenover autoriteit, werd het orkest een uniek ensemble waarin de individuele muzikanten veel zeggingschap kregen. Hun inbreng ging verder dan het spelen van solo’s of het feit dat Braam de muziek voor het orkest schreef met de muzikanten in het achterhoofd.
Het eerste album ‘Howdy’ verscheen in 1992, later gevolgd door ‘Het XYZ der Bik Bent Braam’, ‘Zwart Wit’, ‘13’ (de enige release met muziek die niet van de hand van Braam zelf is), ‘Bik Bent Braam Goes Bonzai’, ‘Growing Pains’ en ‘Extremen’.
Opmerkelijk voor de Bik Bent Braam is dat zes van de muzikanten die op ‘Howdy’ meespeelden nog steeds deel uitmaken van de band. Bekende figuren die in het orkest te horen zijn of waren, zijn Frank Gratkowski, Wilbert de Joode, Michael Vatcher, Wolter Wierbos, Eric Vloeimans, Angelo Verploegen en Jarmo Hoogendijk.
De roots van As Guests gaan terug tot in 1997. In essentie is het project een samenwerking tussen de Tsjechische vibrafonist Miro Herak en de Slovaakse pianist Michal Vaňouček, maar het duo werkt graag in uitgebreide en verschillende settings. Zo speelden ze samen met bassisten Brice Soniano, Gulli Gudmundsson en Janos Bruneel of drummers als João Lobo, Vinsent Planjer en Yonga Sun.
In 2004 won As Guests de Pim Jacobs Muziek Prijs en de Dutch Jazz Competition van het North Sea Jazz Festival. Een jaar later verscheen het album 'Enter As Guests' (met Bruneel en Lobo) en in 2008 de dvd 'Live in Belgium' waarvoor Lobo vervangen werd door Planjer. In 2011 verscheen het album ‘Universal Mind’ waarop As Guests weer in een andere gedaante te horen is: als kwartet, aangevuld met drie strijkers.
Met Illogicist is er eindelijk een technische death metalband uit Italië opgestaan die de moeite waard is om te ontdekken. Bij een eerste luisterbeurt valt het niet moeilijk om Death als een bijzonder grote invloed van deze jongens te ontdekken, maar Illogicist afdoen als de zoveelste kloon zou de waarheid geweld aandoen. Illogicist stopt de nummers barstensvol tempowisselingen en aparte riffs, die geregeld een jazzy karakter aan de muziek meegeven, maar er tevens voor zorgen dat achter elke hoek iets nieuws te ontdekken valt. Als extraatje zorgen deze jongens er vervolgens voor dat de nummers puik in elkaar zitten en blijven boeien, ook na de zoveelste luisterbeurt, en dat is geen makkelijke opgave.
The Walkabouts is zo’n band die al tientallen jaren albums in de markt zetten van een erg hoge muzikale kwaliteit, maar daarmee veel te onopgemerkt blijft. Ook dertiende studioplaat, ‘Travels in the Dustland’, presenteert weer een berg duivels mooie indiesongs met een stevige americana-inslag waarbij vooral de dualiteit tussen de groezelige stem van Chris Eckman en de hoge, verheven schoonheid van zijn ex Carla Torgerson centraal staat. Dat er onder de melodieus zachte liedjes met sterk uitgewerkte arrangementen soms een nogal onrustige, aanstootgevende ondertoon verscholen zit, is aanvankelijk dan ook niet te merken.
De Nederlandse pianist Michiel Braam beweert snel verveeld te zijn, misschien daarom dat hij er zo’n parade aan bands op na houdt. De in 1964 geboren Braam is aanvoerder van de Bik Bent Braam (die volgend jaar ontbonden wordt), het Trio BraamDeJoodeVatcher, eBraam (het voormalige Wurli Trio), het Bijma Braam Sextet en hij daarbuiten is hij tevens actief als solist. Blijkbaar is dit niet voldoende om de verveling te bannen, want in de lente van 2011 stelde Braam een nieuwe band voor: het Hybrid 10tet. Tijdens de eerste tournee met deze band speelde hij speciaal geschreven composities die telkens gemaakt waren met een van de hen ontvangende zalen in gedachten.
Het ensemble heeft haar naam niet gestolen. Met drie muzikanten uit de geïmproviseerde muziek, een klassiek strijkkwartet en de ritmesectie van het eerder rockgerichte eBraam brengt het tentet verschillende muzikale werelden samen. En de mogelijkheden die dat biedt, heeft Braam niet links laten liggen, zoals te horen op alle tracks van ‘On the Move’, de eerste cd van de band.













Lucas Niggli (Hexen Trio, Steamboat Switzerland, Zoom)
Virtuoos zijn zonder virtuoos te spelen
Köhn
Mijn tongue zit minder in mijn cheek, ik steek ze wat vaker eens uit
As Guests With Strings
Niet voor gewone consumptie
Sleepingdog, A Winged Victory For the Sullen
Onmiskenbare schoonheid
Sinds 2003 belicht de Belgische muziekwebsite Kwadratuur voornamelijk artiesten, groepen en ensembles die minder aan bod komen via de traditionele mediakanalen. Met gratis volledige audiotracks, heldere cd-besprekingen, een uitgebreide agenda, interviews, aankondigingen en wedstrijden wordt sterk ingespeeld op de concertactualiteit en wil Kwadratuur alle genres (van klassiek over jazz tot metal) toegankelijk maken voor een breed, niet-gespecialiseerd publiek.