'Eid' is het derde solo-album van de Egyptisch-Canadese muzikant Sam Shalabi. "Solo" is daarbij een erg relatief begrip, want net als bij voorganger 'Osama' trommelt Shalabi ook nu weer heel wat volk op om mee te komen spelen. Toch blijft 'Eid' "zijn" plaat, want in tegenstelling tot zijn geïmproviseerde werk met zijn groep Shalabi Effect heeft Shalabi hier de muziek grotendeels op voorhand uitgeschreven.

Het album ontstond tijdens een verblijf in Egypte (2006) en mengt twee uitgangspunten: enerzijds wilde Shalabi een moderne Arabische popplaat maken en anderzijds was het zijn bedoeling om songs te schrijven voor vocalisten die hij bewonderde. Het resultaat werd een mengeling van de twee waarbij het Arabische aspect niet blijft steken in de cliché's van minarettenmelodieën, scherpe blazers of repeterende melodieën. Net als Shalabi in 2006 kan de luisteraar met 'Eid' ontdekken dat Arabische pop meer is dan couleur local.

Het meest traditionele nummer ('Hawaga') staat meteen vooraan en laat Shalabi horen in een melodische meditatie op ud. Daarna is het al zoeken en tasten wat de klok slaat, veelal met een bijzonder fraai resultaat. Opmerkelijk daarbij is dat de vaak eclectische muziek heel vanzelfsprekend blijft klinken. Hierdoor wordt de combinatie van Arabische vocalen, een Morricone-achtige zwoelheid en scheurende gitaren à la Jimi Hendrix van 'Jessica Simpson' één van de hoogtepunten van het album.

Soms duwt Shalabi de muziek nog verder door en belandt hij in het collage-achtige, zoals bij het titelnummer van de plaat. Hier zijn de kronkelende strijkers en de scherpe blazers duidelijke verwijzingen naar de Arabische wortels van het project, terwijl de Indische snarendrone en de spreekstemmen voor het psychedelische randje zorgen dat zo vaak het geluid van Shalabi Effect kleurt. Tegenover al die herkenbare muzikale knikjes naar links en rechts staat een meer abstracte track als 'The Wherewithall' (reeds te horen op eerdere Shalabi-releases) waarin een diep golvende basis en zacht geknetter permanent veranderen en zo het geheel laten leven en ontwikkelen zonder explosief te worden.

Af en toe mogen de stemmen van de vocalisten duidelijker op de voorgrond komen, voornamelijk bij de twee versies van 'Billy the Kid', met Elizabeth Anka Vajagic en eentje met Katie Moore. In beide versies borrelt en kabbelt de muziek fraai verder: eerst licht rammelend, later bijgekleurd met gedempte trompetten, alsof ze onder water lopen te blazen. In de tweede versie wordt het geluid van mondharmonica, gitaar en ud dan weer knap ingewerkt, als ging het om kleine stukjes gekleurd glas, met een fonkelend geheel als resultaat. Een minder gevoel voor balans en evenwicht had hier heel wat brokken kunnen maken.

Van alle nummers op 'Eid' is eigenlijk alleen 'Eddie' aan de zwakkere kant. De struinende piano en saxofoon passen op hun repetitieve manier wel in het grote prentje dat Shalabi hier (en op andere releases) schetst, maar de sonore pracht die doorgaans zijn muziek kenmerkt klinkt hier heel wat bleker. Gelukkig blijven de andere tracks op 'Eid' hiervan gespaard, wat het album tot een straffe, verassende en bovenal verfrissende plaat maakt.

Meer over Sam Shalabi


Verder bij Kwadratuur

Interessante links
Agenda
Concertagenda
  • Geen concerten gevonden.