Het kleine Duitse label OEHMS brengt met deze box van drie cd's Mozarts late symfonieën uit. Dat zijn, van nummer 34 tot nummer 41, zes werken: de bekende 'Haffner' symfonie werd weggelaten en van de 37ste is alleen een inleiding van een paar dozijn maten bekend. Hoewel Mozart, vooral in zijn jeugd, een erg productieve componist van symfonieën was, hebben zijn composities in dit genre nooit diezelfde populariteit bereikt als die van zijn collega Haydn. Dit is ten dele te wijten aan het feit dat Mozarts andere muziek, met name zijn opera's, de symfonieën enigszins overschaduwde. Maar een andere reden is dat de meeste van Mozarts symfonieën jeugdwerken zijn die, een paar uitzonderingen niet te na gesproken, niet kunnen wedijveren met de grandeur van zijn volwassen werken. Maar deze zes composities bewijzen dat Mozarts talent moeiteloos dat van Haydn evenaarde. In zijn laatste drie symfonieën, die maar enkele weken na elkaar gecomponeerd werden, schept Mozart telkens een andere sfeer: van nobel en rustig in de 39ste, naar rusteloos en tragisch in de 40ste, en grandioos en trots in de 41ste, die erg gepast 'Jupiter' werd gedoopt door zijn eerste uitgever. Ook de andere werken op deze cd zijn een grote stap verwijderd van de pure ontspanningsmuziek die de norm was in die tijd. De twijfelende inleiding van de 'Praagse' symfonie, de 38ste is dat, laat meteen horen dat Mozart hier een meer ernstige, ambivalente wereld betreedt.

De overwegend goede balans van het orkest is iets wat meteen opvalt: hoewel er op moderne instrumenten gemusiceerd wordt, zorgen de muzikanten van het Mozarteum Orchester Salzburg er voor om een mooie compacte klank te maken. Trompetten treden nooit teveel op de voorgrond, houtblazers klinken duidelijk en helder en de individuele prestaties zijn mooi en verzorgd. Alleen wat jammer dat de pauken, met hun droge, Mozartiaanse klank, nogal sterk doorkomen in de balans, al stoort dat niet echt. De strijkers benaderen, met hun opzettelijk zware, krachtige boogstreken, soms redelijk dicht de klank die je uit darmsnaren zou halen. Op andere momenten, zonder dat daar een reden voor lijkt te zijn, klinken ze dan weer wat zwakker.

Qua interpretatie zitten dirigenten Hubert Soudant, (die de 34ste en 39ste opnam), en Ivor Bolton, die de rest deed, op dezelfde lijn. Zij kiezen allebei, maar vooral toch Soudant, voor een redelijk snelle, levendige Mozart, die zijn charme vooral moet halen uit het strakke tempo. Zo worden de trage inleidingen van de 38ste en 39ste symfonie nooit echt traag gespeeld, steeds vooruitkijkend naar het snelle 'Allegro' dat volgt. Wel spijtig dat het tempo hierdoor vaak wat voorover valt en soms zelfs slordig overkomt. En hoewel het orkest de revolutionaire, dissonante kant van Mozart goed in de verf zet, zoals in het trage deel van de 40ste symfonie, komen hier en daar ook wat nodeloos bruuske momenten voor.

Verder worden hier en daar nogal vrijelijk dynamische schakeringen bijgevoegd. Soms werkt dit erg mooi en soms, zoals in het trage deel van de 34ste, is het effect nauwelijks merkbaar, maar soms stoort het ook wel wat. Als dirigent en muzikanten een herhaalde passage opzettelijk met een verschillende geluidssterkte willen spelen kan dit mooi zijn, maar het kan ook verschrikkelijk 'gemaakt' overkomen en dat wil het af en toe wel eens doen. Soudant legt met het tempo hier en daar ook wel eens een frase wat te beslist neer, wat net niet pompeus overkomt.

Maar verder moet deze cd alle eer aangedaan worden. De muzikanten brengen deze muziek zeker met karakter en over het algemeen met veel goede smaak. Het orkest is zeker in vorm, klink achttiende-eeuws genoeg, maakt een mooie balans. Op de kleine minpuntjes na, doet deze uitvoering Mozarts late werken alle eer aan.

Meer over Wolfgang Amadeus Mozart


Verder bij Kwadratuur

Interessante links
Agenda
Concertagenda
  • Geen concerten gevonden.