Drummer Paul Motian is al langer dan vandaag een van de boegbeelden van het befaamde label ECM en viert weldra zijn 80e verjaardag. Ondanks die hoge leeftijd bleef hij de laatste jaren hyperproductief en is hij niet het soort veteraan die nostalgisch de jazz van de vorige eeuw herdenkt. Ook al stond hij een tijdje aan het hoofd van de ‘Electric Bebop Band’ (een eerbetoon aan de jazz van weleer), zijn jongste albums voor het Duitse label Winter & Winter en zijn cd’s voor ECM bewijzen dat hij wel degelijk verder kijkt dan het verleden. Voor ‘Lost In A Dream’, een project waar jazz-liefhebbers uit alle rangen reikhalzend naar uit keken, verzamelde hij twee jonge goden om zich heen. Pianist Jason Moran maakte in 2008 zijn debuut bij ECM aan de zijde van Charles Lloyd en speelde zelf al een resem meesterlijke trio-albums bij elkaar voor Blue Note. Chris Potter staat er, net als Moran overigens, niet om bekend de meest brave solo’s te verzorgen.

Nochtans lijkt ‘Lost In A Dream’ op het eerste zicht een gezellige plaat vol warme ballades, ideaal voor koude winteravonden aan het haardvuur. Motian, Moran en Potter overstijgen dit cliché echter moeiteloos. Dat de nummers gemakkelijk kabbelen, is immers slechts schijn. Vooral Potter diept zijn solo’s telkens weer uit en komt immens veelzijdig uit de hoek. De grootste verrassing komt echter van Jason Moran, die deze keer niet zit te raaskallen aan de piano en geen waterval aan noten ten gehore brengt. Zijn bijdrage aan de cd is minder weelderig dan die van Potter, maar de enkele solo’s die hij speelt zijn grotendeels sprekend in hun eenvoud. ‘Lost In A Dream’ capteert Moran in een langgerekte vlaag van verstilling en melancholie, waar de luisteraar gemakkelijk in meegaat.

Onder de donkere akkoorden van Moran en de vergankelijke solo’s van Potter, is Motian de eeuwige constante. Net als de piano streeft Motian naar een sobere vorm van communicatie, hetgeen steelse, dromerige partijen oplevert. ‘Lost In A Dream’ is inderdaad verdwalen in een droom, maar dan wel een aangename - tenminste, voor diegenen die zich laten onderdompelen in de zoete weemoed van het trio. De ballades zijn telkens anders en de een lijkt in niets op de ander. Hoewel de muzikanten stilistisch in hetzelfde vaarwater blijven, ervaart de luisteraar dat absoluut niet als een beklemming. Het beste bewijs wellicht, dat Motian, Moran en Potter elkaar inspireren en elkaars spel constant verrijken.

Met ‘Casino’ (afgemaakt door een heerlijke solo van Potter), ‘Blue Midnight’, ‘Drum Music’, ‘Cathedral Song’ en ‘Ten’ (zowel Moran als Potter met demonisch genoegen) als uitschieters, heeft Paul Motian op zijn 80e zowaar een klein meesterwerk gemaakt. Geen oplawaai van jewelste, maar een sober album waar de nietige luisteraar zich eindeloos aan wil laven. Hemels.

Meer over Paul Motian


Verder bij Kwadratuur

Agenda
Concertagenda
  • Geen concerten gevonden.